Vandaag, op het moment van verschijnen van deze preview (14 oktober), duurt het nog precies drie weken tot The Legend of Zelda: Ocarina of Time verschijnt voor de Nintendo Switch 2. Wij hebben onlangs al uitgebreid de kans gekregen om het spel te spelen en ontdekten of deze klassieker beter een legende kan blijven, of dat dit verhaal zeker opnieuw verteld moet worden.

In The Legend of Zelda: Ocarina of Time speel je, net als in bijna iedere Zelda-game, met Link. Wanneer Ganondorf het op de macht in Hyrule heeft voorzien, laat de Great Deku Tree Link bij zich komen om hem te vertellen over het grote avontuur dat voor hem ligt. In tegenstelling tot veel spellen is het verhaal van deze game natuurlijk ook geen geheim, aangezien het een remake van het spel uit 1997 betreft.
Onze speelsessie begint wanneer Link net wakker is geworden in Kokiri Forest. Eindelijk krijgt hij een eigen fee en hij moet, zoals gezegd, bij de Great Deku Tree komen. Direct wordt duidelijk dat dit niet zomaar een remake is, maar dat Nintendo op bepaalde plaatsen ook de vrijheid heeft genomen het spel te veranderen. Een goed voorbeeld is wanneer je het Kokiri Sword moet halen. Niet alleen is de weg naar het gebied al anders, maar het zwaard ligt ook echt op een net iets andere plek.

Andere voorbeelden zijn Hyrule Field en Castle Town. In de basis weet iedere speler die het spel ooit heeft uitgespeeld op de Nintendo 64 of de Nintendo 3DS de weg echt wel te vinden. Maar er is alsnog zoveel te ontdekken. Omdat je in Castle Town bijvoorbeeld niet vastzit aan een camera die op één plek blijft, zie je plekken die eerder niet zichtbaar waren. Op Hyrule Field is, naast de vele details, misschien wel de grootste wijziging dat de Lon Lon Ranch niet meer op een berg ligt.
Dat wil niet zeggen dat The Legend of Zelda: Ocarina of Time niet trouw is aan het origineel, maar juist dit soort zaken maken dat ook de spelers van het eerste uur weer onderdelen hebben die ze kunnen ontdekken. Zo zijn er door het spel heen ook Fairy Sentiments te vinden. Dit lijken een soort puzzeltjes te zijn die in de originele game niet te vinden waren. Hierdoor heb je als speler hoe dan ook weer iets nieuws om te ontdekken. We ontdekten deze helaas te laat om hier meer over te weten te komen overigens.

Grafisch is het spel ook echt een pareltje. Net als bij de meeste games van Nintendo zelf weet ook deze game het maximale uit de console te halen. Dit doet Nintendo door bijvoorbeeld wat er zich in de achtergrond afspeelt net iets vager te houden en de focus op de voorgrond juist heel goed te hebben. De details van Link, maar ook de werelden zijn daarnaast fenomenaal. De kans is groot dat voor veel spelers het er zo al uitzag in de jaren ’90 (in hun hoofd), maar dat het nu ook echt zo is. Het allerbeste voorbeeld hierbij is hoe geweldig de Great Deku Tree eruitziet. Het origineel was prima, de nieuwe versie overweldigend.
Waar Nintendo bij Tears of the Kingdom en Breath of the Wild al meer en meer op echte stemmen inzette, is dat voor The Legend of Zelda: Ocarina of Time nieuw. Hoewel de stemmen heel goed klinken, vonden we het wel jammer dat er soms na kort gebruik van stemmen werd doorgeschakeld naar geschreven tekst. Een goed voorbeeld waarbij dit gebeurt, is wanneer Link Hyrule Field voor het eerst betreedt en in gesprek raakt met Kaepora Gaebora (de uil).

We hebben natuurlijk ook de volledig nieuwe besturing uitgebreid kunnen proberen. Wie het origineel uit 1997 heeft gespeeld, weet dat het gebruik van de C-toetsen zeer fijn was. Zonder aarzelen had je drie verschillende voorwerpen tot je beschikking. Die C-toetsen zijn weg en vervangen voor één knop. Dat klinkt beperkt, maar dat is het toch niet. Met ZR gebruik je de items en met R wissel je. Omdat het spel automatisch pauzeert als je dit doet, kun je makkelijk middenin een gevecht wisselen, terwijl je vervolgens wel snel verder kunt.
Vooral als volwassen Link in de Forest Temple bleek deze methode zeer welkom te zijn. We hebben ter vergelijking overigens ook de originele game via Nintendo Switch Online nog even gespeeld, maar alhoewel het twee totaal verschillende manieren van besturen zijn, past in beide gevallen de eigen manier gewoon het beste bij de controller. Verder werkte de besturing sowieso heel goed en inventief. Je hebt een extra joystick om de camera om je heen te draaien, waardoor je nog soepeler door de wereld beweegt. En er is natuurlijk nog één, misschien wel allergrootste verschil.

Je kunt namelijk springen en dat kon in de originele The Legend of Zelda: Ocarina of Time-game niet. Dit maakt de game nog soepeler en sneller. De speler die snel door de wereld heen wil, kan flink wat stukken afsnijden, maar wie gewoon rustig wil ontdekken, kan dat natuurlijk ook gewoon. Overigens verschijnt netjes in beeld wanneer je moet springen. Wie dus nog even moet wennen aan het springen, wordt een beetje geholpen door het spel.
Ook dit springen werkt echt verbluffend goed in de Forest Temple. Een dungeon die eindigt met de toffe eindbaas Phantom Gannon. Ook hier wordt weer duidelijk hoe soepel het spel speelt. We hadden geen framedrops of andere zaken. Nintendo heeft het met dit spel echt heel goed voor elkaar.
Tijdens de ruime speelsessie die we hebben gehad van The Legend of Zelda: Ocarina of Time voelde we regelmatig kippenvel en we verwachten dat dit straks ook bij de uiteindelijke game gebeurt. Deze hervertelling, is een legende die het verdient om opnieuw te verschijnen. Op alle punten wordt dit een pareltje en het kan bijna niet anders dan dat iedere liefhebbers hier tientallen uren van gaat genieten.