Wie op vakantie gaat en wat meer te weten wil komen over zijn bestemming kan natuurlijk de reisgids erbij pakken. Ook films kijken die uit het land komen waar je naar toegaat helpen je te leren over de cultuur, omgeving en gewoontes. Vandaar deze rubriek, met deze keer als bestemming: Oostenrijk.
De filmindustrie van Oostenrijk is een rare, alsof deze constant heeft achtergelopen. Pas in 1910 begonnen de Oostenrijkers (toen nog verenigd in Oostenrijk-Hongarije) met het maken van de eerste film. Met de Eerste Wereldoorlog vervolgens op komst gebeurde er weinig spannends en pas laat in het interbellum werden er weer films gemaakt. Sommige bekende regisseurs trokken naar de Weimar-republiek of de Verenigde Staten om daar hun geluk te proberen. Pas sinds het einde van vorige eeuw door grootschalige veranderingen en begin deze eeuw heeft de Oostenrijkse filmindustrie een enorme boost gekregen.
Funny Games (Haneke, 1997)
Haneke heeft zelf nog een keer een Amerikaanse remake van deze film gemaakt, die shot voor shot hetzelfde is, met enkel andere acteurs. Funny Games confronteert de kijker met twee jongens die een huis binnendringen en de familie binnen mishandelt. Maar dat is juist wat de kijker wil, toch? Haneke maakte Funny Games als een aanklacht tegen de Amerikaanse geweldspiraal in films.
Die letzte Bruecke (Käutner, 1959)
Een Duitse zuster wordt naar het front gestuurd omdat zij medische hulp geeft aan een partizaan tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het is een aardige oorlogsfilm, die de morele dilemma’s en bezwaar laten zien van de vijand helpen. Voor een film uit 1959 is Die Letzte Bruecke nog zeer kijkbaar doordat de beeldkwaliteit hoog is en het camerawerk modern aanvoelt.
Die fetten Jahre sind vorbei (Weingartner, 2004)
Drie antikapitalistische jongeren breken in bij mensen van de rijke elite en verplaatsen hun meubels. Zij laten vervolgens een briefje achter waarop staat “De vette jaren zijn voorbij” (vandaar de filmtitel). Deze film gaat over politiek activisme, maar ook gelijk hoe weinig dat tegenwoordig nog kan inhouden. Dat klinkt wat serieus, maar Die fetten Jahre sind vorbei is vooral grappig en een tikkeltje romantisch.
Darwin’s Nightmare (Sauper, 2004)
In Tanzania (een voormalig Duitse kolonie) is in de jaren ’50 in het Victoriameer de nijlbaars geïntroduceerd. Dit met het idee dat het de visvangst zou bevorderen. Niks blijkt minder waar te zijn. In deze documentaire wordt een kijkje genomen naar de effecten van de uitzetting van de nijlbaars: bijna alle andere vissoorten zijn uitgestorven dankzij deze roofvis.
Hundstage (Seidl, 2001)
De rauwe stijl die Ulrich Seidl als regisseur typeert is goed terug te vinden in deze film. Zes verschillende verhaallijnen in Wenen worden gevolgd gedurende de hele zomer. De acteurs zijn zowel professionals als amateurs. Hundstage zorgde nog voor een klein relletje toen bleek dat de seksscènes niet geënsceneerd zijn.