De Gaudeamus Muziekweek is het platform bij uitstek voor internationaal compositietalent om hun werk tentoon te spreiden. Deze muziek is niet altijd even makkelijk en het publiek bestaat dan ook voor grotendeels uit componisten en aficionados van de avant-garde. Om toch de vleugels uit te slaan naar een breder publiek organiseert Gaudeamus in samenwerking met Tivoli en Paradiso The Night of the Unexpected, een gevarieerde avond gericht op hedendaagse compositie en nieuwe muziek. Donderdag 5 september vond The Night plaats in Tivoli, de avond erna in Paradiso.
Aangezien 2013 het jaar is waarin Nederland driehonderd jaar aan diplomatieke betrekkingen met Rusland viert, staat het festival – en dus ook deze avond – grotendeels in het teken van nieuwe Russische muziek.
Waar de meeste Gaudeamusconcerten een traditionele kunstmuzieksetting hebben – het publiek kijkt braaf vanuit de stoel naar de muzikanten op het podium – heeft The Night of the Unexpected een dynamischere opstelling. Niet alleen op het podium, maar ook in de zaal zelf en op de balkons wordt opgetreden. Ook duren de verschillende optredens steeds tussen de tien en twintig minuten, waardoor de vaart in de avond blijft. Deze meer popgeoriënteerde aanpak betekent niet dat de verschillende werken toegankelijker zijn: het publiek werd getrakteerd op een programma dat een traditionele concertervaring ver te buiten ging.
Tivoli betredende is het eerste wat opvalt een contrabas die in het midden van de zaal op een tafel ligt. Vooralsnog gebeurt er niets mee: de eerste act is het Bram Stadhouders Trio in combinatie met het Nederlands Kamerkoor met het speciaal in opdracht voor North Sea Jazz geschreven “Henosis” (Grieks voor eenheid). Het stuk bestaat uit statige zang van het Kamerkoor dat sterk contrasteert met de hectische en dynamische neopsychedelische jam van het Trio (gitaar, drum en synthesizer). Toch versmelten de twee ogenschijnlijke tegenpolen naarmate de compositie vordert tot een geheel aan hemels stemmen, voortgeduwd door de puls van het Trio.
Na drie composities van Bram Stadhouders dimde het licht op het podium en ging de spot aan op de contrabas. Wie eerder naar The Night of the Unexpected is geweest weet dat instrumenten niet altijd ongeschonden blijven: de editie ervoor beukten vier percussionisten, beschermd met lashelm, hun microfoons tegen een vleugel. Ditmaal sloegen acht leden van het Moscow Contemporary Music Ensemble toe op de versterkte contrabas in de compositie “Touchpad” van Vladimir Rannev. Net als bij een goede whisky proefde je het hout: met strijkstokken, haarborstels en zwepen vernederden ze het instrument, tot het slechts een jammerend weeklagen kon uitbrengen.
Het performance-element kwam nog sterker naar voren in het sterk gestileerde “The Mirror of Galadriel” van Elena Rykova. Op het podium stond een pingpongtafel uitgestald met aan de ene kant een strenge Russin in een rode jurk en aan de andere kant een strak in grijs pak gehesen Rus. Met doodernst op het gezicht druppelden ze dennenappels op de uitversterkte tafel, wreven hun handen langs elkaar heen en imiteerde elkaars bewegingen tot alle dennenappels van de tafel waren verdwenen. Op de achtergrond werd de wedstrijd van bovenaf in sterk silhouetfilter geprojecteerd, waardoor het leek op een krijtbord. En warempel, de geluiden die het schouwspel voortbracht leken dan ook alsof er constant gekrast werd op een schoolbord – het geluid ging door merg en been. Sommigen werden ontoepasselijk van de klanken, anderen stonden gebiologeerd te kijken, maar de compositie liet niemand koud.
Vervolgens dreven vijf dansers van het gezelschap LeineRoebana (vier vrouwen, één man) het publiek naar de hoeken van de zaal om in het midden een gepassioneerde dans uit te voeren. De muziek was van Naked City, de beruchte formatie rondom John Zorn die free jazz met hardcore punk vermengt en op deze wilde klanken spartelden de dansers over de vloer. Toen de muziek wat kalmeerde, werd het geheel sensueler en kwamen de dansers nader tot elkaar. Uiteindelijk dreef een stuk van Brian Eno, David Byrne en Alison Isodora de dansers weer uit elkaar.
Op het podium stond het Moscow Contemporary Ensemble weer klaar om muziek te spelen die de Griekse componist Yannis Keriadis heeft geschreven op de experimentele film ANEMIC CINEMA van Marcel Duchamp uit 1927, waarin getekende cirkels hypnotiserend kolken op een draaitafel. De muziek was sereen, al werd deze met de nodige regelmaat verstoord door radioruizen. Juist deze combinatie van Duchamps wervelende beelden en de ingetogen muziek zogen de toeschouwer in het kunstwerk.
Na een korte pauze ging ‘Der Prozess N1’ van Alexander Manotskov van start, een duel vanaf de balkons tussen twee rondzingende megafoons. De instrumenten werden afwisselend gehanteerd als automatisch vuurwapen of als middel om met de ander te communiceren. Het resultaat klonk als een dialoog tussen twee verlaten zielen die mijlenver uit elkaar in Siberië gestationeerd waren en via een krakkemikkige radio elkaar om hulp smeekten – tevergeefs.
Aansluitend op dit zonderlinge optreden begonnen op een klein podium voor het hoofdpodium Andy Moore op laptop en Yannis Kyriakides op elektronische gitaar. Kyriakides speelde rebetika – de Griekse blues – verzopen in effecten, terwijl Moore voor de nodige soundscape zorgde. Het resultaat was filmisch en deed, zeker gezien de vervormde vocale samples, bij vlagen denken aan een mediterrane variant op de muziekprojecten van David Lynch. Ook de gitaar kwam niet geheel ongeschonden uit de strijd: als een spade werd hij in het podium gestoken, resulterend in een fascinerend kabaal.
De afsluiter van de avond was Julianna Barwick, een Amerikaanse zangeres die laag na laag loopt, waardoor een dromerige chaos aan etherische vocalen ontstaat. Na enkele nummers werd ze bijgestaan door een gitarist, die accenten gaf aan de dikke zangstapelwolken. Op de achtergrond werden – lichtelijk kitscherige – beelden van zeemeeuwen, kolkende golven en Ophélia geprojecteerd en het gros van het publiek had zich vrij snel op de vloer neergevlijd. In vergelijking met de rest van het programma was Barwicks optreden vrij rustig en wat repetitief, zodat het innerlijke tumult van de toeschouwer wat bedaard was alvorens hij de nacht in wandelde.
The Night of the Unexpected laat zien dat er nog volop geëxperimenteerd wordt met muziek, performance art en dans. Juist door het vlotte format en de diversiteit van het programma blijft de avond echter luchtig en geschikt voor een groot publiek – Tivoli was netjes gevuld – zonder af te doen aan de artistieke integriteit van componist en uitvoerende.