Op Ja, Natúúrlijk! maakt de Jeugd van Tegenwoordig hun beste muziek tot nu toe, maar het gepolijste album is in het geheel niet zo spannend als het lijkt.
De voorafgaande singles en bijbehorende video’s van Ja, Natúúrlijk!, het Borgmannende ‘De Formule’ en de digitale, gedrogeerde trip ‘Een Barkie’ behoren tot de beste die Nederland heeft voortgebracht. ‘Een Barkie’ is zo glad en vaardig geproduceerd dat de staccato van ‘Sterrenstof‘ haast amateuristisch klinkt. Het dynamische en luidruchtige ‘De Formule’ is zowel het hoogtepunt van het album als van de Jeugd tot nu toe.
De rest van het album maakt deze hoge verwachtingen niet helemaal waar. Ja, natúúrlijk! is een heel goed album: Bas Bron overtreft zichzelf met een heel scala beats en geeft vooral de eerste helft een gezonde afwisseling. ‘Beuwste Sabotage’ en het leipe ‘Gekke Boys’ klinken moddervet. Zijn synthesizerliefde levert goede solo’s op – de twee minuten na ‘Een Barkie’ zijn niet verspild – maar beperkt het algehele klankenpalet; dezelfde riedeltjes komen alsmaar terug. De muziek wisselt tussen moderne, duistere rap met vleugen foute ’90s-R&B.
Niemand heeft zoveel voor de Nederlandse taal betekend als De Jeugd. Ook Ja, Natúúrlijk! staat bol van taalspel. De JvT heeft altijd al een beetje naar anti-rap geleund met luie rijm en structuren en ook nu klinken sommige coupletten weer van Supa Hot Fire-niveau. Deze ironische, laconieke houding heeft altijd de indruk gewekt dat De Jeugd slimme jongens zijn die een dom trucje doen. De functie van de ironie lijkt echter helemaal verloren te zijn gegaan: de raps zijn te vaak lam en inhoudsloos, maar de groep pronkt met hun veren. Alleen ‘Toneelacademie’ lijkt een boodschap te hebben die niet over oeverloos drankgebruik, vrouwonvriendelijke relatieperikelen en slechte feestjes gaat. Je zou kunnen zeggen is fissa toch, maar de bedompte sfeer werkt niet zo goed als de furie van Formule of de suiker van Barkie.
Deze viering van stommiteit zou beter werken als de muziek er niet onder zou lijden. Door de stupide herhaling van raps slepen sommige nummers wat traag voort en de tweede helft van het album is al een modderige, lange en sadomasochistische bende. Wanneer Wiwatron op drie verschillende manieren ‘een schop onder je reet’ rapt, voelt het meer als luiheid dan taalvaardigheid, ten koste van de muziek. De ironische houding wekt de indruk dat De Jeugd slimmer is dan ze lijken, maar de cirkel gaat niet rond en ze blijven hangen in stommiteit. De inhoud blijft achter, maar “de vorm is hilarisch”, vat Yayo treffend samen.
De verpakking van Ja, natúúrlijk is net als het album zelf: het is een mooi doosje met een goede slechte grap (vouw het open en als een slechte kerstkaart klinkt er een plat “ja, natúúrlijk!”), maar het gevaarte bevat geen informatief boekje.