The Selfish Giant
Nieuws

The Selfish Giant

3 min leestijd

"Hoe beoordeel je een film die best leuk is, maar om een heel andere reden dan beoogd wordt? Dat lijkt namelijk het grootste probleem van The Selfish Giant. De film is leuk om te kijken, audiovisueel van de meeste smetten vrij en de wederzijdse vriendschap tussen driftkikker Swifty en goedzak Arbor is hartverwarmend. Maar een schrijnend portret van de jeugd uit de allerlaagste arbeidersklasse, zoals de film op weg naar het einde lijkt te worden? Fock off!"

Met zijn onophoudelijke ge-“oi!” en -“fock off” en huishoudelijke misère is The Selfish Giant te karikaturaal om het meeslepende sociale drama te zijn dat het lijkt.

Wie de trailer van The Selfish Giant bekijkt, denkt niet direct aan Oscar Wilde. Toch is de film gebaseerd op het gelijknamige sprookje (De Zelfzuchtige Reus in het Nederlands) dat de Ierse dandy voor zijn kinderen schreef. In plaats van een sprookjeswereld verplaatste regisseur Clio Barnard het verhaal naar de Britse arbeiderswijken, waar iedereen lijkt te kampen met problemen als armoede en verslaving, waar de jeugd zichzelf ophitst met energiedrankjes en de volwassenen in de ban zijn van paardenraces.

Arbor Fenton (Conner Chapman) is een hyperactieve herrieschopper van dertien, een Britse variant op Dennis de Bengel boordevol problemen, zowel op school (hij kan geen autoriteit hebben) als thuis (zijn ouders zijn gescheiden en zijn broer is drugsverslaafd). Zijn beste vriend, de goeiige Swifty (Shaun Thomas) heeft het niet veel makkelijker, zijn ouders kampen met grote schulden en dat leidt tot pesten op school. Om een zakcentje bij te verdienen en hun ouders te helpen – diep van binnen zijn het wel goede jongens – verzamelen ze schroot om te verkopen aan de Kitten (Sean Gilder). Kitten en de zijnen behandelen de Cockneyjochies ook als schroot. De zwarte handel is eigenlijk een verkapte vorm van kinderarbeid, maar de knulletjes zijn allang blij dat ze iets verdienen terwijl ze op school geschorst zijn. Kitten is tevens een fervent liefhebber van illegale paardenraces en Swifty blijkt toevallig een behendig paardenfluisteraar te zijn. Kitten is dus dolblij met hem maar minder met Arbor, die zich achtergesteld voelt. Tegelijkertijd worden de opdrachten van Kitten, een moderne Fagin uit Oliver Twist, steeds gevaarlijker en stuurt hij ze zelfs op pad om het koper van elektriciteitskabels te stelen.

Het verhaal staat in de grote traditie van sociaal realisme en ‘kitchen sink drama‘ dat in het Verenigd Koninkrijk vanaf de jaren vijftig opkwamen: verhalen over sociaal onrecht en onderdrukking van de arbeidersklasse. Alle ingrediënten zijn aanwezig: een uitzichtloze toekomst, uitbuiting, problemen binnen de familie. Het zo typerende Cockney Rhyme en de jonge leeftijd van de hoofdrolspelers (Chapman was twaalf tijdens het filmen) maakt dit nog net iets stereotyper. Daarin zit ook de valkuil van de film: het drama is te overtrokken, iedereen zit te veel in de put om nog geloofwaardig of ontroerend te zijn. The Selfish Giant is daardoor een soort De Helaasheid der Dingen (van Groeningen, 2009), maar zonder de Vlaamse joligheid en tragikomische personages die de laatste interessant maakte. De chemie tussen de twee hoofdrolspelertjes werkt prima, maar juist in hun prepuberale kwajongensgedrag en niet in de tragiek. Wanneer er dan ook nare dingen gebeuren in de film, missen deze kracht.

Wel wordt er goed geacteerd – binnen het stramien van de karikatuur – en is er op de cinematografie weinig aan te merken. Het spaarzame gebruik van de muziek – enkel een lage toon die dient als leidmotief voor de elektriciteitskabels – weerhoudt de film er niet van om spanning op te bouwen. De film is dan ook zeker onderhoudend, maar eerder als filmische schelmenroman dan als sociaal drama. Arbor en Swifty zijn, net als Ciske de Rat, ‘schoffies om van te houden’, met het hart op de juiste plaats, maar met een neiging naar het criminele. Wanneer ze stepjes en pannen uit tuinen jatten zijn ze eigenlijk op het leukst, als ze geconfronteerd worden met hun eigen armoede doet het dan weer weinig.