Recensie: Patria

Douwe Knook, 22 september 2014
Profiel
Patria vertelt een bijzonder stukje Nederlandse geschiedenis en is duidelijk met veel passie en toewijding gemaakt. Visueel is de film erg sterk en het acteerwerk, hoewel nogal variërend, kan de film goed dragen. Het enige echte minpunt zijn de dialogen die bij vlagen erg matig zijn.

Het is dit jaar honderd jaar geleden dat de Eerste Wereldoorlog uitbrak. Een goed moment dus om een Nederlands stukje geschiedenis over deze periode te documenteren. Patria komt tegelijk uit in zowel boek- als filmvorm. Beide zijn gebaseerd op recent ontdekte brieven geschreven door Arthur Knaap, een jonge Nederlander die zich tijdens de oorlog bij het Franse vreemdelingenlegioen voegde. Waar het boek echter hoofdzakelijk bestaat uit de brieven die Arthur schreef aan familie en vrienden, voorzien van context door journalist Jorge Groen, kiest de verfilming door Klaas van Eijkeren voor een fictie-rijkere vertelling als kostuumdrama.

De Nederlands-Indische Arthur Knaap (Timothy Flohr) komt uit een gezin uit de hogere klasse. Zijn vader is kunstrecensent voor een Nederlandse krant in Frankrijk. Wanneer de oorlog uitbreekt besluit Arthur zich uit ideologische overwegingen bij het Franse vreemdelingenlegioen aan te melden. Daar belandt hij in een mengelmoes van geboefte en idealisten waarin hij zich staande moet houden. Bovendien is de oorlog vele malen heftiger dan hij verwacht had.

7249984_orig

Voor een Nederlandse film met een relatief klein budget zijn de beelden in Patria van een erg hoog niveau. De film is duidelijk met veel aandacht en liefde gemaakt. Met name het decor voor de loopgraven is fantastisch. Doordat dit geheel op locatie gefilmd is en niet in een studio voelt het daadwerkelijk aan als een kapot gebombardeerd slagveld. Ook de special effects, die met name uit ontploffingen bestaan, voelen realistisch, hoewel deze het stilistische van moderne computer graphics missen.

Helaas is Klaas van Eijkeren een betere regisseur dan scenarioschrijver. Hoewel het verhaal goed loopt en een zekere aantrekkingskracht heeft, zijn het vooral de dialogen die vaak onderuit gaan. De film past de talen aan de personages aan (de Fransen spreken Frans, de Duitsers Duits, etc.). De Nederlandse dialogen zijn echter vaak matig. Dialogen klinken nodeloos pompeus of staan bol van overbodig verduidelijkende bijzinnen. Bovendien worden hier en daar de briefwisselingen voorgedragen tussen de hoofdpersoon en zijn vader. De manier waarop deze voorgedragen worden is ronduit saai. Hoewel er ernstige en emotionele onderwerpen in staan, ontbreekt emotie vrijwel geheel in deze monologen. Het helpt hierbij ook niet dat de personages werkelijk elk woord zo overduidelijk articuleren alsof ze een basisschoolspreekbeurt voordragen.

9252002_orig

Het acteerwerk is nogal variërend. Met name aan het begin voelt het allemaal wat ongemakkelijk aan. Als het verhaal echter op gang komt lijken ook de acteurs beter in hun rollen te komen. Vooral Tijs Huys, die de verlegen en in shock verkerende Jules speelt, zet een gevoelige rol neer. Ook de dynamiek tussen de leden van Arthurs legioen (Ricardo Esser, Dennis van Hout en Pascal Vugts) onderling is erg goed. Bovendien pleit het voor de film dat deze zich niet bediend van de grote schare BN’ers die constant in elk stukje Nederlandse cultuur opduiken, maar kiest voor onbekendere (maar zeker niet minder goede) acteurs. Het is duidelijk dat niet alleen regisseur Klaas van Eijkeren deze film aan het hart gaat, ook de rest van cast en crew heeft zichtbaar met veel passie hieraan meegewerkt.