Column: de actiefilm als handelswaar
Nieuws

Column: de actiefilm als handelswaar

5 min leestijd

De langer wordende lijst aan teleurstellende Hollywood-kaskrakers wijzen uit dat films meer dan ooit niet als kunstwerk, maar als handelswaar gemaakt worden.

Het argument dat special effects geen vervanging kunnen zijn voor gedegen schrijfwerk, interessante personages en een meeslepend plot, is al minstens zo oud als de ontploffing van de eerste Death Star. Na de verschijning van Star Wars‘ prequel-trilogie, die zo rijk is aan CGI (Computer-Generated Imagery), laaide de discussie (terecht) weer op: men was het er over eens dat de nieuwe films nu eenmaal niet zoveel soeps waren. Maar de effecten waar regisseur George Lucas zo stevig op leunde zijn alleen maar toegankelijker geworden voor filmstudio’s met genoeg dollars. Omdat digitale effecten veel computerkracht en tijd kosten, is het is voor grote studio’s, met hun ruime middelen, de makkelijkste manier om zich te onderscheiden in een tijd dat werkelijk íedereen kan filmen en online kan distribueren.

Met een scheve verhouding tussen uiterlijkheden en inhoud sloeg Star Wars vijftien jaar geleden de plank al mis. Peter Jackson maakte van Lord of the Rings een uitzonderlijk epos dat de digitale middelen van die tijd uitstekend benutte, maar liet met de voortslepende, zelfingenomen films King Kong en The Hobbit zien dat ook hij enige gradatie van inhoud te snel verstek laat gaan voor visueel spektakel.

De grootste wandaad tegen film was James Camerons Avatar, dat de herintroductie van 3D in de bioscoop met zich mee bracht en tickets, voor velen ongewenst, in prijs omhoog liet schieten. En er zijn nog zoveel franchises te noemen: Harry Potter, Pirates of the Carribean, alles van Marvel of DC Comics. Al deze intellectuele eigendommen staan garant voor meerdere vervolgfilms en leunen op grootse, door effecten aangedreven scènes. Heeft dat de films memorabel gemaakt? Wie kan zich de naam van de hoofdpersoon in Avatar herinneren?*

Avatars collage aan semi-geloofwaardige computereffecten werd desalniettemin beloond: de film werd de meest succesvolle ooit in de bioscopen. Wat nog meer opvalt: bijna alle films in diezelfde lijst, zeker degene die meer dan een miljard dollar binnenhaalden, zijn van 1999 of later; het gros ervan is in de laatste vier à vijf jaar uitgekomen. De studio’s roken geld, zaaiden met allerlei uitgekauwde IP’s (The Dark Knight, Man of Steel, Star Trek, The Wolverine) en oogstten vervolgens miljarden aan miljarden dollars.

Het is echter niet te zeggen dat, hoewel het trucje hetzelfde blijft, het genre zich constant herhaalt. Integendeel: de films worden alleen maar extremerDie Hard was een bescheiden film over een man in een flatgebouw met een stuk of twaalf pissige Duitsers die hem dood willen; filmfans zullen vaak opperen dat het één van de beste actiefilms ooit is. Nu is een zomerfilm zonder minstens twee kolossale ruimtegevechten, een invasie van de gehele aarde, een machine die de kern van een planeet kan opblazen en de dood en opeenvolgende wederopstanding van de hoofdpersoon ondenkbaar. Deze actie neemt ook zoveel tijd in beslag, dat de meeste films niet klaar zijn binnen twee uur, laat staan tweeëneenhalf. Er wordt gezegd dat een goede film is nooit te lang duurt, maar in dit geval is een film over niets een beproeving van het geduld. En het wordt steeds gekker, want de films leveren steeds meer op. Zoals Lady Gaga die haar carrière relevant probeert te houden (hoewel ik dol ben op Lady Gaga).

Lees ook: hoe Hollywood de veilige, betreden paden bewandelde met de verfilming van World War Z

Al is de overdaad aan special effects een zeer negatieve traditie geworden in het actie- en avonturengenre, is het enkel een aanleiding en een symptoom van wat grote films tegenwoordig betekenen. De neerwaartse spiraal van escalerend effecten- en actiegebruik ten koste van een daadwerkelijk vermakelijke film, getuigt ervan dat de films vanuit een artistiek beginsel gemaakt worden, maar als formulaire lijst aan prikkels die het publiek ervan moet overtuigen dat de film die ze kijken moeite waard is. Films worden op de eerste plaats gemaakt met als doel om geld binnen te harken. Artistieke overwegingen komen hooguit op de tweede plaats, uitzonderingen als het prachtig geschoten Skyfall daargelaten. Cynici zullen zeggen dat dit nogal wiedes is, zelfs m’n grootje weet dat filmstudio’s winstgevende bedrijven zijn. Dan vind ik het des te droeviger dat als iedereen zich hier bewust van is, de omzet voor deze slag bioscoopfilms nog steeds stijgt.

Als films niet op de eerste plaats als kunstwerk, maar als handelwaar geproduceerd worden, wat zegt dat dan over Hollywoods geïmpliceerde waardeschatting van het publiek? Die is gering en vooral cynisch: in plaats van een cultureel consument wordt de kijker gedegradeerd tot een voorspelbare portemonnee, die volgens Pavloviaanse prikkels naar de bioscoop gelokt wordt. Zolang filmstudio’s hiervoor beloond worden, zal dit niet veranderen. Er is dan geen aanleiding om actiefilms verder te ontwikkelen, om een gezonde balans tussen film en trucage te vinden. Nu is het één en al show en flair, geen inhoud.

“Pim, Pim, Pim,” hoor ik je al zeggen, “als ik een actiefilm zie, heb ik toch geen zin om na te denken”. Prima, maar dat hoefde voor The Empire Strikes Back, Raiders of the Lost Ark en Die Hardook niet, en dat zijn tegelijk prachtige, grappige en meeslepende films. De persoon die zich moedwillig laat paaien door tweeëneenhalf uur aan betekenisloze ontploffingen met een glanzend laagje, verdient ook niet beter. Want stemmen doe je nog altijd met je portemonnee.

*Jake Sully. Weet iemand vervolgens een herkenbare karaktereigenschap van het personage te noemen?