Daniël en Pim zijn dit weekend bij het populairste obscuurste festival Le Guess Who?, bij verschillende podia in Utrecht. Dit waren onze bevindingen. Je hebt ze vast nog niet gehoord.
Het was een zachte avond om Utrecht te doorkruisen van podium naar podium. Le Guess Who? is geen muziekfestival op een afgebakend terrein; allerlei grote en kleine podia bieden onderdak aan de alternatievere optredens van het vierdaagse festival. Omdat ik woon in Utrecht is de muziek altijd maar een kwartiertje fietsen. Hoe de muziekforenzen dat aanpakken vraag ik me nog steeds af. Het festival biedt wel de gelegenheid om de prachtige Utrechtse binnenstad te verkennen en ieder podium heeft zijn eigen charme.
De donderdagavond begon voor mij in de Tivoli Oudegracht, met King Khan & the Shrines (afgebeeld (extra: foto van Atze)) op het podium. Ik vermeed Mark Lanegan in de Janskerk, ervan uitgaande dat het vol zou zijn. Bovendien heeft de Canadese King Khan meer allure, dansend in een zwart-goude mantel en dito slip waar zijn buik overheen zachtjes op rustte. Zijn poezelige postuur, enorme pruik en zwarte laklaarzen dragen bij aan zijn kinky uitstraling, als een Azteekse sadomasochist. Dit uitzicht is niet uitzonderlijk voor Le Guess Who?, dat zich in het algemeen laat kenmerken door het feit dat de helft van de optredens buitensporige herrie en manische muzikanten bevat. King Khan en zijn Shrines maken een vrolijke indruk op het podium. Ze maken surf-achtige rock met blazers, wah-wah en een drummer die verdacht op Rick Rubin lijkt (de officiële festivalgids strooit naast Engelse taalfouten met allerlei genres om de muziek te omschrijven, maar dit maakt de muziek alleen maar complexer dan het is). Het publiek was wat stijfjes, maar goedgemutst en toegeeflijk. Khan beantwoordde de warme reacties met een grijns en dook afgewisseld door zijn band regelmatig het publiek in. Het strakke samenspel en de vermakelijke interactie (halfbakken pogingen voor een funkchoreografie) onthullen een doorgewinterde band. King Khan biedt garantie voor een energiek en positief optreden en zijn nieuwe album Idle No More is wellicht zijn leukste.
Tien minuten later was het binnenvallen bij Neko Case in een minder dan halfvolle Tivoli de Helling. Case liet zich niet uit het veld slaan. Integendeel: haar dankbaarheid tegenover het aandachtige publiek en de duizenden grapjes met haar band over een steur zorgde voor de meer dan ontspannen sfeer. Net als Khan laten Case en band zich onderscheiden door jaren aan ervaring. Ze staan los van de hypemachines rond het meest relevante gitaarbandje van het moment en kunnen hun krachten rustig etaleren. De belegen band speelt Cases kalme americana foutloos en overtuigend. Case en haar tweede zangeres passen naadloos bij elkaar. Het geluid in de Helling is meestal subliem, maar vanavond uitmuntend. Het iets te korte optreden is onderdeel van de tour voor haar prachtige nieuwe album The Worse Things Get, The Harder I Fight, The Harder I Fight, The More I Love You van dit jaar. Samen met wat oudere nummers, zoals haar bijdrage aan de The Hunger Games-Soundtrack ‘Nothing to Remember’, werd een evenwichtige setlist samengesteld. Case beloofde in de zomer terug te keren naar Nederland. Het is zeker aan te raden om haar op te zoeken. Luister ook eens naar haar werk met de New Pornographers.
Nadat Case en The Fall in de Oudegracht (waar waarschijnlijk iedereen stond die niet in de Helling was) afgelopen waren, was het aan het kleine, korstige toevluchtsoord voor krakers ACU om het nachtprogramma tot 4 uur te verzorgen, met drie bands en een dj-set. Dit was een miskleun van de festivalorganisatie, gezien er al vrij vlug een grote rij van gretige bezoekers voor het overvolle pand stond. Het eerste optreden was van The Pharmacy, een luidruchtig trio die vrij nonchalant onopmerkelijke en rommelige altrock speelden. De ironische nonchalance wordt al duizenden keren gedaan (ook vorig jaar met Foxygen, die veel grappiger, zelfbewuster en iets virtuozer waren), en The Pharmacy bood weinig afwisseling in hun setlist en het genre in het algemeen. Een oelewapper in sloeg twee flessen op het podium kapot vlak voordat een kleine pit losbarstte. King Khan stond bij de bar met een aandoenlijke bontmuts op; een grappig contrast met zijn uitbundige podiumverschijning. Bij punkband Cheap Time was er geen doorkomen meer aan. Van een afstand klonk de band goed, maar misschien was het tijd om naar huis te gaan: er zijn nog drie dagen om geweldige en onwaarschijnlijke muziek te bezoeken.
Het is nog niet te laat om ook te komen: het festival is nog niet uitverkocht (link voor tickets). Le Guess Who? is soms een beproeving van het geduld en de trommelvliezen, maar de setting is uniek en elke keer de moeite waard.
Cijfer: 6,73/ʕ •ᴥ•ʔ
De tweet:
Een tweet over #lgw13? Ik ben atze de vrieze niet.
— Pim van den Berg (@Bergvandenpim) 28 november 2013