Review: Darksiders Genesis

Rutger Engel, 13 december 2019
Profiel
Darksiders Genesis is een game die het moet hebben van de sterke dynamiek van de gevechten. De levels zijn soms leuk en creatief, maar heel vaak ook saai en eentonig. Daarnaast is het verhaal bijzonder oninteressant uitgevoerd. Het is een prima game voor een keertje, maar voor niemand een must-have.

Darksiders en Darksiders II hadden een prima naam voor de serie gemaakt met zeer degelijke actiegames. Toen THQ haar faillissement verklaarde in 2012, leek het het einde voor de ruiters van de apocalyps. In 2015 verkeeg THQ Nordic, een bedrijf dat niets te maken heeft met THQ, de rechten voor Darksiders. Dit leek later misschien niet een positief iets, aangezien Darksiders III vorig jaar flopte. Darksiders Genesis is een spin-off die voor een behoorlijk andere ervaring moet zorgen dan de genummerde delen. Of dit weer hoop doet leven voor de reeks, lees je in onze review.

Darksiders Genesis is gemaakt door Airship Syndicate, de studio die voorheen de tactische RPG Battle Chasers Nightwar had gemaakt. Dat dit team zich nu waagt aan een actie-RPG á la Diablo met de nodige platform-elementen, is dus zeker een verrassing. In Darksiders Genesis speel je als Strife en War en kan je op elk moment wisselen tussen de twee terwijl je levels doorloopt. Strife heeft twee pistolen en kan dus gemakkelijk vijanden vanaf een veilige afstand neerschieten. War is wat lomper en hakt de hordes monsters in mootjes met zijn grote zwaard.

Strife en War hebben een appeltje te schillen met de heersers van de onderwereld, zodoende gaan ze op reis en dit gebeurt in de vorm van verschillende levels. In zo’n level ga je vaak op zoek naar een eindbaas die een voorwerp bezit dat je nodig hebt om het verhaal te vorderen. Een level speelt een beetje als een stuk uit Diablo of Path of Exile. Het grootste verschil is dat er ook platform-elementen in Darksiders Genesis zitten. Soms is dit een prima toevoeging, zoals een onderdeel waar je snel moet zijn omdat je achtervolgd wordt door lava. Soms is het ook vooral een bron van frustratie, omdat het perspectief waarvandaan je naar je personage kijkt soms voor onduidelijkheid zorgt. Denk je precies op een balkje te gaan landen, zweef je er in werkelijkheid rijkelijk naast.

Gelukkig spendeer je het gros van je tijd aan het afslachten van talloze demonen. Dit wordt soms een beetje eentonig, maar over het algemeen is dit een heerlijke bezigheid. Dat het zo lekker speelt, komt voornamelijk door de snelheid van de gevechten. Er komen soms wel tien monsters tegelijkertijd op je af. Als Strife kan je van verschillende soorten munitie gebruikmaken om korte metten met ze te maken. Denk aan gewone kogels, maar ook aan lasterstralen, vlammenwerpers en oplaadbare schoten die door vijanden heengaan. Dit kan je steeds af blijven wisselen met een vlugge ontwijkingsactie in elke directie. Alhoewel er relatief weinig verandert aan de ‘flow’ van de gevechten als je het begin van het spel vergelijkt met het einde, is het allemaal lekker genoeg en maakt dat niet te veel uit.

Het is wel jammer dat vijanden niet echt gevaarlijk genoeg zijn, wat deels komt door het feit dat doodgaan niet zoveel uitmaakt. Gaat War bijvoorbeeld dood, dan moet je slechts twintig seconden overleven met Strife voordat hij vanzelf weer tot leven wordt gewekt. Hierdoor zit je nooit echt met geknepen billen te spelen, wat juist perfect had gepast bij een actievol spel als Darksiders Genesis. De eindbazen bieden al een grotere uitdaging, maar over het algemeen kom je er hier ook wel met het simpelweg ontwijken van aanvallen en het schieten op de eindbaas: verdere strategie is niet echt vereist. Het is geen doodzonde, maar er had meer in gezeten.

Levels verschillen van creatief en uitdagend, tot bijzonder repetitief en dus saai. Dit komt omdat de kaart niet altijd even duidelijk is, zeker in het begin als het allemaal nog moet wennen, en omdat het niet altijd even duidelijk is waar je nou eigenlijk heen moet. Elk level heeft een boel optionele dingen om je mee te vermaken, zoals verzamelbare muntjes die je in kan ruilen voor upgrades en nog veel meer. Dit is zeker een positief iets, want hierdoor kan je sommige levels meerdere keren doorspelen om alles te vinden. Ook speel je later pas nieuwe voorwerpen vrij waarmee je bepaalde obstakels kan overkomen, waardoor je dus een level pas 100% kan halen wanneer je later nog een keer terugkomt. Het zorgt er allemaal helaas ook wel voor dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Dan is het lastig om uit te vogelen of je nou op een zijpaadje bent beland of juist het hoofdpad aan het bewandelen bent en of je ergens nou al bent geweest of helemaal niet.

Het is allemaal niet het einde van de wereld en als je vaak genoeg probeert kom je vanzelf wel waar je moet wezen, maar een duidelijkere kaart had al een hoop frustratie kunnen besparen.

Het is maar goed dat Darksiders Genesis het niet van het verhaal moet hebben, want dit is bijzonder slecht uitgevoerd. Van het begin tot het eind word je steeds naar de verschillende uithoeken van de werelden gestuurd. ‘Oh ja ik heb alleen dit voorwerp nodig en dan kan ik je helpen’ en vervolgens hoor je dat het voorwerp nog een ander voorwerp nodig heeft om genoeg energie te krijgen om te kunnen werken, zulk soort dingen. Het is allemaal weinig inspirerend en dit is jammer, want het laat je zoektocht soms een beetje nutteloos aanvoelen.

Darksiders moet het dus vooral van de gevechten hebben. De gameplay hiervan doet eigenlijk weinig bijzonders, maar werkt gewoon erg lekker. Het feit dat je continu kan ontwijken en schieten en wanneer je wilt ook naar een volledig anders spelend personage kan wisselen, zorgt ervoor dat het toch niet zo snel verveelt als we hadden verwacht. De hit-or-miss-kwaliteit van de levels zorgt ervoor dat we het niet voor iedere fan van deze combinatie van Diablo en platformen een must-have kunnen noemen, maar het is voor de zachte prijs van dertig euro best de moeite waard voor een simpele playthrough.

Darksiders Genesis is voor deze review gespeeld op de pc. De game is ook beschikbaar op Google Stadia. In het voorjaar komt de game ook naar PlayStation 4, Xbox One en Nintendo Switch.