Elk jaar komt de vraag terug: wie slepen er de meeste Academy Awards mee naar huis? Nu de nominaties bekend zijn, is het tijd om te putten uit mijn jarenlange ervaring als filmverslaggever, en in geval van twijfel de kristallen bol te raadplegen, of andere buitenzintuigelijke waarnemingen te doen. Het is tijd om als een speld te prikken door de bubbel van politieke compromissen die de Academy Awards heet.
Hier volgen onze gegarandeerde kandidaten met een verklaring en een aannemelijke nummer twee, met een precisie van zo’n 90%.
Ik heb Steve McQueens harde, vernederende film 12 Years a Slave, over de Amerikaanse slavernij nooit gezien, maar des te meer valt het stof op dat de film doet opwaaien. De Oscars houden van een politiek correcte presentatie en schaamte voor de duistere kant van Amerikaanse geschiedenis achten ze hoogstwaarschijnlijk heel gezond. Daarom is 12 Years a Slave een nederige keuze: collectief kopen we onze zonden af.
Vorig jaar was Lincoln ook al genomineerd, ook een historische film over de slavernij, wat in het voordeel pleit van The Wolf of Wall Street. Martin Scorsese heeft een maniakale film neergezet die over de keerzijde van het kapitalisme zou moeten gaan. Blijkbaar delen veel mensen die mening, en omdat de inkomensongelijkheid in de VS zo groot is, maakt The Wolf of Wall Street een goede kans. Jammer voor American Hustle, een veel leukere film.
Het is tijd voor Amy Adams. Haar optreden in American Hustle is een tot een verblindende glans gepolijst staaltje acteerwerk. Te vaak speelt ze al in Oscargretige films zonder meer dan een Golden Globe mee naar huis te nemen (ook speelt ze dit jaar in mogelijke winnaar Her). Ze laat haar concurrentie in het stof bijten omdat Meryl Streep al genoeg beeldjes in de kast heeft staan en nu iemand anders aan de beurt is, Cate Blanchett in een Woody Allen-film speelt (en dat is passé) en Dame Judi Dench is aandoenlijk in Philomena, maar komt niet verder dan de derde plaats.
Sandra Bullock is maar net nummer twee. Haar optreden in Alfonso Cuaróns weergaloze Gravity is indrukwekkend, maar Gravity grijpt naast allerlei belangrijke Oscars omdat het film zelf als visueel medium benut, niet voor het vertellen van een verhaal. The Artist heeft daarvoor de Oscar voor de komende vijf à tien jaar al gewonnen.
Dit is een pittige. Leo DiCaprio vist al jaren naast het net, maar in tegenstelling tot Amy Adams lijkt hij het bij elk optreden het goud zó graag te willen. Het wordt hoog tijd dat hij wint, al hoeft het van mij niet. Zijn kwade, manische en onvoorspelbare optreden is na Django Unchained en The Great Gatsby inmiddels geperfectioneerd. Net als je nichtje dat elke keer vals viool staat te spelen in de woonkamer, is het tijd voor wat applaus en een ongemeend “Wat mooi!” om er maar van af te zijn.
Matthew McConaughey pakt dat beter aan. Hij lijkt op veel geloofwaardigere wijze respect te hebben vervaardigd voor zijn groeiende carrière en is een wat meer integere keuze dan Leo. Christian Bale is nummer drie, omdat hij de mannelijke Amy Adams is.
Bij gebrek aan voorkennis – vier van de vijf nominaties zijn nog niet vertoond in Nederland – moest ik afreizen naar diep in de wildernis van de Biesbosch, waar in een verborgen, aftandse hut een Roma-vrouwtje met een afgehakte beverstaart op een opgedroogde boombast slaat. De eeuwenoude, mystieke krachten die daardoor vrijkwamen fluisterden me in dat de breekbare rol van Nyong’o niet alleen formidabel is, maar omdat de concurrentie het óf niet verdient, óf vorig jaar al onterecht iets moois gewonnen heeft (Jennifer Lawrence), zij de prijs wint.
Lastig: Bradley Cooper speelt een geweldige rol in American Hustle, maar ik kan niet aan het gevoel ontsnappen dat deze film vooral mis grijpt. Jonah Hill is goed in Wolf of Wall Street, maar niet zó goed. Jared Leto en Barkhad Abdi zouden vooral gekozen worden om hun types. Dan blijft Fassbender over als de verknipte slavenhouder Edwin Epps. Hij verdient de Oscar, maar Cooper doet dat ook.
Disney’s nieuwste animatiefilm Frozen heeft niet alleen bakken geld binnengesleept, maar iedereen is er dol op. Miyazaki heeft sinds Spirited Away geen échte kanshebbers meer gemaakt (sorry Ponyo), een Oscar geven aan die stupide minions van Despicable Me 2 staat gelijk aan artistieke zelfdoding en niemand geeft om de Croods.
Als nummer twee, als we dan toch moeten kiezen, is Ernest & Celestine een goede keus. Niet dat dat gaat winnen, want het is een Europese film.
Inmiddels begint het te dagen dat 12 Years a Slave de grote prijswinnaar gaat worden. Hoewel Gravity uitblinkt in zijn presentatie, gaat de Oscar voor al die pracht naar de cinematografie van Emmanuel Lubezki. Volgens die logica moet Steve McQueen de winnaar zijn. Scorsese’s regie is effectief en dynamisch, maar iets te onopmerkelijk. David O’Russell bouwt zijn American Hustle goed op, maar is rommelig in de uitvoering. Sommigen zouden het speels kunnen noemen, maar Silver Linings Playbook heeft ook niet gewonnen.
La Grande Bellezza is de grootste kanshebber voor de categorie ‘Je had Beste Film kunnen worden als je maar niet Italiaans was’. Jammer maar helaas voor alle niet-Amerikanen. Daarentegen kan vanuit een politieke manoeuvre Omar ook als winnaar gekroond worden. Het blijft een afweging van meer dan alleen de kwaliteiten van de film zelf.

